Fauna

Ieder voorjaar strijkt een groot aantal weidevogels neer in de weilanden van het gebied van ANV Weide & Waterpracht. De prachtige geluiden van baltsende weidevogels is een lust voor het oor.
Soorten als kievit, scholekster, grutto en tureluur maken zich weer op voor het nestelen, broeden en het groot brengen van hun jongen.


Om te zorgen dat zoveel mogelijk eieren uit komen en kuikens kunnen uitvliegen gaan veel boeren en vrijwilligers aan de slag om de nesten te beschermen door middel van het plaatsen van o.a stokken zodat de boer er bij het bewerken van het land omheen kan gaan. Ook zijn er steeds meer boeren die stukken gras langer laten staan, wat heel goed is voor de jonge weidevogels.

Grutto

Grutto

Houd de vogel in de gaten want hij/zij gaat soms even bij het nest kijken om wat strootjes te smijten. Wat later in de tijd is hij/zij plotseling verdwenen door in het wat langere gras op het nest te gaan zitten

Broedtijd: eind maart- juni
Broedduur: 24-25 dagen
Aantal eieren: meestal 4

Kievit

Kievit

Houdt van kort gras of als het kan bouwland. In onze omgeving betekent dat meestal grasland. Een door de lucht buitelend mannetje is een aanwijzing voor een territorium, maar pas op , hij kan tijdens zijn baltsvlucht nogal ver weg vliegen

Broedtijd: half maart –juli
Broedduur: 26-28 dagen
Aantal eieren: meestal 4

Scholekster

Broedt vaak wat later dan de grutto en de kievit. Zoekt vaak de kale plekken op in de weilanden, zelfs op een dam willen ze graag zitten.
Geen verschil tussen ♂ en ♀.


Broedtijd: half april- juli
Broedduur: 25-27 dagen
Aantal eieren: meestal 3, soms 4.

 

 

 

 

 

Tureluur

Zoekt de nabijheid van grutto’s en kieviten. In deze zgn. clusters van broedende vogels hebben ze steun aan elkaar om een overvliegende zwarte kraai of langslopende hermelijn uit te schelden. Het nest van een tureluur is erg moeilijk te vinden, geduld is een schone zaak.
Geen waarneembaar verschil tussen ♂ en ♀.


Broedtijd: half april- juni
Broedduur: 22-25 dagen
Aantal eieren: meestal 4

 

 

 

Kuifeend

Met hun zwart- witte verenpak en nonchalante kuifje zijn de mannetjes erg opvallende eenden.
Het vrouwtje is met een donkerbruin verenkleed minder opvallend. Van dichtbij is het gele oog duidelijk te zien.
Het nest wordt op de grond gemaakt, verscholen tussen de begroeiing.


Broedtijd: begin mei- vroeg juni
Broedduur: 23- 26 dagen
Aantal eieren: 6 tot 10

 

 

 

 

Slobeend


De slobeend is makkelijk te herkennen aan de spatelvormige snavel. Het mannetje is mooi gekleurd terwijl het vrouwtje erg lijkt op het vrouwtje van de wilde eend.
Zij maken een nest van een kuiltje in de grond. Deze wordt gevoerd met dons.


Broedtijd: tussen maart en juni
Broedduur: 26 dagen
Aantal eieren: 8 tot 12

 

 

 

Krakeend

Op het eerste gezicht is de krakeend een beetje een saaie vogel, maar als je beter kijkt is het eigenlijk een sierlijke en mooi getekende vogel. Het mannetje is grijs met een zwarte spiegel.

Het nest is een met dons gevuld kuiltje in de grond nabij het water.

Broedtijd: april tot juni
Broedduur: 25 - 27 dagen
Aantal eieren: 8 tot 12

 

 

 

Zomertaling

Dikwijls neemt men zomertalingen pas waar als ze opgeschrikt uit sloot of plas opstijgen waarbij de woerd zijn bleek blauwgrijze voorvleugels, witte buik, brede witte wenkbrauwstreep en bruine kop toont. De roep van de woerd heeft een raspend geluid. 

Broedtijd: midden april- eind mei
Broedduur: 21- 23 dagen
Aantal eieren: 8 tot 11

 

 

 

Wintertaling

Een volwassen wintertaling is ca. 35 cm groot. Het is daarmee de kleinste eend die in Europa voorkomt.

Het mannetje van de wintertaling is overwegend grijs en heeft een kastanjebruine kop met daarop rond het oog een glazend groene vlek, omzoomd door dunne gele lijntjes. Andere opvallende kenmerken zijn een horizontale witte streep op beide flanken. Op het achtereind van het mannetje bevindt zich een geelwitte driehoek. Vrouwtjes zijn bruin, met uitzondering van een kleine groene spiegel (achterkant van de vleugel)

Het nest wordt gebouwd van plantendelen en donsveren, het ligt zo goed mogelijk verstopt tussen planten. Het wijfje legt 8 à 10 roomkleurige eieren en bebroedt deze alleen. De wantrouwige woerd bezoekt het nest nooit en de eend vertoont afleidend gedrag als men het nest nadert.

Broedtijd: half april- half september
Broedduur: 19-21 dagen
Aantal eieren: meestal 8 a 10

 Graspieper

Dit vogeltje heeft een opvallende zangvlucht. Het mannetje begint zijn vertoon door steil naar een hoogte van 30 m te vliegen. Tijdens de daalvlucht brengt hij een steeds snellere reeks fluittonen ten gehore. Bij het neerstrijken beëindigt de vogel zijn zang met een triller.
 

Broedtijd: midden april- juni
Broedduur: 11 tot 15 dagen
Aantal eieren: meestal 3 -5

 

 

 Veldleeuwerik

Wanneer hij zijn zangvlucht hoog boven de velden uitvoert, is het moeilijk de vogel over het hoofd te zien.
De veldleeuwerik nestelt in een klein kuiltje in de grond. Het is een vrij slordig bouwsel met bekleding van fijn gras. 

Broedtijd: begint eind april- 2 of 3 legsels
Broedduur: 11 dagen
Aantal eieren: 3-4